• Tentoonstellingen
  • Collecties
  • Publicaties
  • Over
Academisch Erfgoed
  • Tentoonstellingen
  • Collecties
  • Publicaties
  • Over

TU Delft Library

Prometheusplein 1
2628 ZC Delft
The Netherlands
Contact en bereikbaarheid
Tentoonstelling

Door de lens van professor Van Heel

Collectie Van Heel
Educator in hart en nieren

Wat maakt een gevierd docent tot een gevierd docent? Is het de drang naar onderwijsvernieuwing? De liefde voor het vakgebied? De blijvende indruk op studenten? Voor Prof. dr. Abraham van Heel was het all of the above.

Als grondlegger van het vakgebied optica in Nederland en onderwijzer aan wat toen nog de Technische Hoogeschool Delft heette, heeft hij bijgedragen aan de zelfontplooiing van vele jonge wetenschappers. Hun leven lang zouden zij met een glimlach terugdenken aan zijn met experimenten gevulde colleges. Want een spektakel maken van een les: dat kon Van Heel als geen ander.

Een doorkijkje in de lessen van professor Van Heel, decennia na dato.

Loopbaan in Delft
arrow
Loopbaan in Delft
Bram van Heel begon zijn loopbaan als docent in 1925, aan de Technische Hoogeschool Delft (de voorloper van de huidige TU Delft). Kort daarvoor had hij aan de Universiteit Leiden zijn doctoraat behaald. In Delft gaf hij onderwijs over uiteenlopende natuurkundige onderwerpen, maar vanaf het begin af aan had hij al een passie voor zíjn vakgebied: de optica. Door de jaren heen wist hij meer en meer terrein te winnen voor het optisch onderzoek en onderwijs. Er verschenen talloze publicaties van zijn hand, waaronder Inleiding in de Optica – lang van grote invloed gebleven in het opleiden van jonge optici. Op de Hoogeschool was hij geliefd onder zijn pupillen. Nog vele decennia na zijn overlijden (in 1966) spraken oud-studenten met lof over die extraverte hoogleraar, die met aanstekend enthousiasme de optica tot leven bracht.
Uit de Collectie Van Heel
Experiment(ertainment)
arrow
Experiment(ertainment)
De enorme populariteit van Van Heels colleges valt niet genoeg te benadrukken. Zijn lessen, waarvan hij keer op keer een schouwspel wist te maken, werden bezocht door studenten uit allerlei richtingen. Wat maakte zijn onderwijs zo boeiend? Steeds wist Van Heel de theorie die hij doceerde tastbaar te maken met live experimenten. De studenten zagen de taaie materie voor hun ogen tot leven komen. Zo prepareerde hij, voor een les over de werking van het oog, koeienogen zodanig dat de studenten hun klaslokaal op het netvlies afgebeeld zagen. Zijn beroemde aligneermethode bracht hij ook de collegezaal in. Gebaseerd op Youngs interferometer ontwikkelde hij een optische methode die onder andere is ingezet om de gesneuvelde brug over de Maas bij Hedel te herbouwen na de Tweede Wereldoorlog. De studenten konden de techniek zo zelf uittesten. Een overgeleverde foto getuigt van één van Van Heels andere demonstraties. Met zijn 180 graden lens nam hij een foto van zijn stampvolle lokaal. Op deze manier konden de leerlingen zichzelf terugzien in fisheye-perspectief. Alle proeven waren van tevoren tot in detail uitgewerkt zodat de ‘show’ vlekkeloos kon verlopen. Zo wist Van Heel, als object based teacher avant-la-lettre, zijn studenten eindeloos te verwonderen.
Schematische weergave van Van Heels aligneermethode
Aansluiting op het werkveld
arrow
Aansluiting op het werkveld
Dat een opleiding een goede aansluiting op het werkveld zou moeten vormen, stond voor Van Heel buiten kijf. Daarom ontwikkelde hij een curriculum dat zijn leerlingen goed voorbereidde op het bedrijfsleven. Zo vond hij het belangrijk dat er binnen de opleiding aandacht was voor het toepassen van technische vaardigheden. Een voorbeeld is de samenwerking die hij stimuleerde tussen zijn groep en de Sterrenwacht van de Universiteit Utrecht. Daar kregen zijn studenten de mogelijkheid om te werken aan apparatuur die de astronomen daadwerkelijk konden gebruiken. Dat zijn pupillen zowel ontwierpen, als betrokken waren bij de bouw van hun creaties, is kenmerkend voor Van Heels visie op het ambachtelijke aspect van het werk. Zo had zijn afdeling zelfs een eigen slijperij waar studenten konden oefenen. Vanwege Van Heels klantgerichte houding waren ook de relaties tussen de opleiding en de industrie hecht en vonden velen daar een werkplek na hun afstuderen, bijvoorbeeld bij N.V. Optische Industrie ‘De Oude Delft’.
Toegankelijke optica
arrow
Toegankelijke optica
Van Heel stond afkeurend tegenover de zweverige manier waarop academici de optica destijds benaderden. Veel teksten en formules die centraal stonden in het vakgebied, waren op de intellectuele elite gericht. Hij, daarentegen, wilde de optica juist laagdrempeliger maken. Zo merkte hij op, toen hij in 1947 werd benoemd tot Hoogleraar: 'Het zou gewenscht zijn, dat de schrijvers op deze gebieden zich nederbogen tot het peil van de op toepassing belusten en hun uitkomsten desnoods in de vorm van recepten eenigszins toegankelijk maakten.' Hij nam het heft in eigen hand door de ingewikkelde materie te vertalen naar stof die makkelijker te begrijpen was. Theorieën van, bijvoorbeeld, Smith werden zo aangepakt dat ze veel beter toepasbaar waren. Samen met zijn leerlingen sloeg hij zo een grote slag om het vakgebied optica toegankelijk te maken voor een breed publiek.
Citaat
Het zou gewenscht zijn, dat de schrijvers op deze gebieden zich nederbogen tot het peil van de op toepassing belusten en hun uitkomsten desnoods in de vorm van recepten eenigszins toegankelijk maakten. - Van Heel, 1947
Always a Teacher
arrow
Altijd docent
Professor Van Heel is de geschiedenis ingegaan als vader van de Nederlandse optica. In de harten van zijn studenten leefde hij echter door als geliefd docent, die hun met zijn methoden, experimenten en adviezen klaar had gestoomd voor mooie carrières. Ook voor Van Heel zelf is zijn identiteit als docent er één die hij, ondanks kansen in de industrie, nooit heeft willen laten varen. Zie 7:05-8:32 voor een fragment uit de studentenproductie 'Mejuffrouw, Mijne Heren', uit 1964, waarin Van Heel zichzelf speelt (geregisseerd door Mart van den Busken).
Colofon

Deze online tentoonstelling is samengesteld door het team Academisch Erfgoed, Geschiedenis en Kunst van de TU Delft.

De tentoonstelling is gemaakt naar aanleiding van het werk aan de Collectie Van Heel door het programma Maatwerk Facultaire Collecties. De tentoonstelling is daarnaast deels gebaseerd op de tentoonstelling Optica voor allen (2019-2020) bij het Science Centre Delft, georganiseerd door de afdeling Academisch Erfgoed, Geschiedenis en Kunst in samenwerking met de afdeling Imaging Physics van de faculteit TNW.